Procedure in kader van asielprocedure
De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) behandelt enerzijds beroepen tegen beslissingen van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen. Deze procedure wordt besproken in het kader van de asielprocedure.
Drie soorten procedures in niet-asielzaken
De RvV behandelt ook beroepen tegen beslissingen van de Dienst Vreemdelingenzaken in niet-asieldossier. Er kunnen in dit soort dossiers 3 soorten procedures worden ingeleid voor de RvV:
- Beroep tot nietigverklaring
Het beroep tot nietigverklaring bij de RVV in niet-asielzaken moet worden ingediend binnen een termijn van 30 dagen na de kennisgeving van de beslissing. Een vordering tot schorsing moet steeds in één en hetzelfde verzoekschrift worden ingediend als het beroep tot nietigverklaring. Een vordering tot schorsing moet dan ook steeds gepaard gaan met een beroep tot nietigverklaring. Maar een beroep tot nietigverklaring kan ook op zich staan, zonder dat men de schorsing vraagt. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden schorst een vordering tot schorsing de aangevochten beslissing niet. Slechts indien de schorsing wordt toegestaan wordt de uitvoering van de beslissing verhinderd. - Uiterst dringende noodzakelijkheid
Enkel in uiterst dringende noodzakelijkheid moet de vordering tot schorsing niet in dezelfde akte worden ingediend als het beroep tot nietigverklaring. In dat geval kan een beroep tot nietigverklaring dus nog later worden ingediend. Een voorbeeld van uiterst dringende noodzakelijkheid is wanneer een vreemdeling het voorwerp is van een verwijderingsmaatregel die op elk ogenblik kan worden uitgevoerd (bv. opsluiting in een gesloten centrum m.o.o. repatriëring).
Schorsend beroep?
Enkel een beroep tot nietigverklaring tegen één van de volgende beslissingen, heeft automatisch een schorsende werking:
- weigering van een aanvraag gezinshereniging met een niet-EU/EER onderdaan met beperkt verblijfsrecht (op voorwaarde dat de vreemdeling die vervoegd wordt zelf nog legaal in België verblijft)
- intrekking van het verblijfsrecht van een gezinshereniger met een niet-EU/EER onderdaan met beperkt verblijfsrecht (op voorwaarde dat de vreemdeling die vervoegd wordt zelf nog legaal in België verblijft)
- weigering van een aanvraag gezinshereniging met een niet-EU/EER onderdaan met onbeperkt verblijfsrecht
- intrekking van het verblijfsrecht van een gezinshereniger met een niet-EU/EER onderdaan met beperkt onverblijfsrecht
- beslissing tot terugwijzing
- weigering van een aanvraag tot vestiging
- dwangmaatregel om in een bepaalde plaats te blijven of te verlaten
- elke beslissing waarbij het verblijfsrecht van een EU-burger (o.b.v. het EG-recht) wordt geweigerd
- weigering van een machtiging tot verblijf van een vreemd student
Schorsende werking betekent dat de betrokkene tijdens de beroepstermijn (= 30 dagen) en tijdens het onderzoek van het beroep, niet gedwongen mag uitgewezen of gerepatrieerd worden. De vreemdeling blijft in het bezit van zijn bevel om het grondgebied te verlaten, maar dit zal niet worden uitgevoerd. - Aan de vreemdeling die tijdig een beroep met schorsende werking indiende, levert de gemeente eveneens een bijlage 35 af. De bijlage 35 is een voorlopig verblijfsrecht dat maandelijks verlengd wordt, in afwachting van de afhandeling van het beroep.
- Indien het beroep uiteindelijk negatief is, kan de DVZ aan de gemeente de instructie geven om de bijlage 35 in te trekken en een nieuwe termijn aan te brengen op het bevel om het grondgebied te verlaten. Binnen deze termijn moet de vreemdeling dan het land verlaten.
Andere annulatieberoepen zijn niet schorsend. Men kan wel tesamen met zulke annulatieberoepen een vordering tot schorsing indienen. Indien de RVV de schorsing toestaat mogen ook deze beslissingen niet uitgevoerd worden tot er een antwoord is op het annulatieberoep. Invloed op de maximale behandelingstermijn? De wettelijke termijn die de DVZ heeft om te antwoorden op een aanvraag tot gezinshereniging is 6 maanden voor gezinshereniging met Belg of EU-onderdaan, en 9 maanden voor gezinshereniging met niet-EU onderdaan. Zonder beslissing binnen de wettelijk voorziene termijn moet de gemeente de gezinshereniging ambtshalve toestaan. Men gaat er van uit dat de beroepsprocedure bij de RvV die wettelijk voorziene termijn schorst. Dat betekent dat de wettelijke termijn tijdelijk stopt te lopen na de eerste beslissing van de DVZ. Indien de RVV de beslissing van de DVZ vernietigt, dan loopt de termijn verder vanaf dat moment. De eerste beslissing van de DVZ wordt dikwijls pas tegen het einde van de maximale behandelingstermijn genomen. De DVZ moet in zo'n geval zeer snel een nieuwe beslissing nemen na de vernietiging van de eerste beslissing. Zoniet wordt de maximale behandelingstermijn overschreden en moet de gemeente ambtshalve de gezinshereniging toestaan.
Cassatieberoep bij de Raad van State tegen een afwijzing van een beroep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Tegen de beslissing van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen is nog een cassatieberoep bij de Raad van State mogelijk. Een cassatieberoep zal enkel worden onderzocht indien het door de Raad van State toelaatbaar wordt verklaard. Het indienen van een beroep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen of de Raad van State
Het valt ten zeerste aan te raden om voor beroepen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen of de Raad van State contact op te nemen met een advocaat, omdat aan deze beroepen bijzonder strenge administratieve voorwaarden en juridische motiveringsplichten verbonden zijn, en de schorsing/vernietiging/ cassatie omstandig gemotiveerd dient te worden. Voor meer gedetailleerde informatie kan u volgende informatie van het Team rechtspositie van de Stad Gent raadplegen:
|