|
Wie is een niet-begeleide minderjarige vreemdeling (NBMV)?Definitie Een NBMV wordt in de wet (art. 61/14, 1° Verblijfswet) gedefinieerd als elke persoon die: - jonger dan 18 jaar is (er wordt geen rekening gehouden met de leeftijd van meerderjarigheid in het land van herkomst)
- niet begeleid is door een persoon die het ouderlijk gezag of de voogdij over hem uitoefent krachtens de wet van toepassing overeenkomstig artikel 35 van de wet van 16 juli 2004 houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht
- onderdaan is van een land dat geen lid is van de Europese Economische Ruimte (E.E.R.); >>> klik hier voor info over minderjarigen uit een EER-land
- die definitief als NBMV geïdentificeerd is door de dienst Voogdij
Opgelet: - Een minderjarige die begeleid wordt door een volwassene kan ook een NBMV zijn, nl. wanneer die volwassene niet het ouderlijk gezag of de voogdij over hem uitoefent. Of de volwassene het ouderlijk gezag uitoefent moet beoordeeld worden volgens de nationale wet van het land waar het kind zijn gewone verblijfplaats heeft (dit zal meestal het Belgische recht zijn).
- De minderjarige vreemdeling kan reeds bij binnenkomst in België niet begeleid zijn, of hij kan tijdens zijn verblijf in België een NBM worden (doordat zijn ouders of zijn voogd, waarmee hij naar België kwam, bijvoorbeeld teruggekeerd of verdwenen zijn).
- Minderjarigen die onderdaan zijn van de EER worden niet beschouwd als NBMV. Als EER onderdaan is hun verblijfssituatie in principe minder precair, en kan de DVZ meestal via contact met de ambassade een oplossing bekomen
Registratie met oog op identificatie en leeftijdsbepaling Alle personen die verklaren NBMV te zijn (en die geen asiel aanvragen) moeten centraal geregistreerd worden bij de DVZ. Dat volgt uit een samenwerkingsprotocol van 28 januari 2013 met de DVZ, FOD Justitie (Dienst Voogdij) en Fedasil. - Registratie houdt in:
- nagaan of de jongere bij DVZ bekend is en nieuw dossier opstarten of bestaand dossier aanvullen
- afnemen van vingerafdrukken en nemen van foto
- TBC-test uitvoeren
- bij twijfel over leeftijd informatie geven over leeftijdstest
- Bij onderschepping van de jongere door de politie, zal die instantie, na overleg met de DVZ, al een aantal taken op zich nemen (aanvullen signalementsfiche, afnemen vingerafdrukken, nemen van foto). Bij twijfel over de leeftijd laat de politie, indien praktisch haalbaar, een leeftijdstest uitvoeren (in een ziekenhuis dat een samenwerkingsovereenkomst heeft met de Dienst Voogdij). De Dienst Voogdij wordt op de hoogte gehouden van alle stappen die gezet worden, en zorgt voor het vervoer van de jongere naar de DVZ (waarvoor deze dienst eventueel de politie kan inschakelen).
- Jongeren die door een derde gesignaleerd worden, worden direct naar DVZ gebracht om geregistreerd te worden.
- Als de politie, de Dienst Voogdij of de dienst die de jongere heeft gesignaleerd niet voor het vervoer kunnen zorgen, wordt aan de jongere een oproeping betekend om zich binnen de 2 werkdagen op de DVZ aan te bieden voor registratie. Gaat de jongere daar niet op in en wordt hij later opgnieuw onderschept of gesignaleerd, dan krijgt hij een tweede oproeping. Maar als hij ook aan die oproeping geen gevolg geeft, dan neemt de Dienst Voogdij een beslissing van meerderjarigheid. Deze regel geldt niet voor jongeren die duidelijk minderjarig zijn.
De registratie van niet-begeleide minderjarige asielzoekers gebeurt tijdens de opstartfase van de asielprocedure Als er twijfel bestaat over de werkelijke leeftijd van de NBM, kan de Dienst Voogdij via een medisch onderzoek de leeftijd nagaan. Dit gebeurt liefst zo snel mogelijk (op de dag van de onderschepping of signalering).
>>Lees meer Recht op extra beschermingOp basis van o.a. het Verdrag voor de Rechten van het Kind en de Resolutie van de Raad van de EU van 26/6/1997 inzake niet begeleide minderjarige onderdanen van derde landen, is België ertoe gehouden voldoende bescherming te bieden aan NBM op haar grondgebied. Dat wil zeggen dat België: - ernaar moet streven de minderjarige met zijn ouders te herenigen
- de NBMV in afwachting van zo'n duurzame oplossing moet opvangen, en hem tegen misbruik en uitbuiting moet beschermen
- de minderjarige niet onbegeleid naar zijn herkomstland mag terugbrengen tenzij er voldoende garanties zijn voor de opvang van de minderjarige ter plaatse
Om deze bescherming te realiseren, krijgt elke NBMV een voogd toegewezen, en voorziet de wet een speciale verblijfsmachtiging voor NBMV.
Bijzondere verblijfsprocedure voor NBMV
Voor wie? - Alleen personen die door de Dienst Voogdij geïdentificeerd zijn als een NBMV (zie definitie) kunnen een beroep doen op deze procedure.
- Deze procedure is enkel toegankelijk voor NBMV die geen asiel hebben aangevraagd of een andere verblijfsprocedure hebben opgestart (bv art.9bis), of die dat wel hebben gedaan maar uitgeprocedeerd zijn.
Duurzame oplossing Doel is om een duurzame oplossing te vinden voor het verblijf van de NBMV. Die oplossing kan de volgende vormen aannemen: - (prioritair voor de DVZ) de gezinshereniging in het land waar de ouders zich legaal bevinden
- Terugkeer naar het land van herkomst of een ander land waar de NBMV legaal kan verblijven “met garanties op adequate opvang en verzorging, naargelang zijn leeftijd en zijn graad van zelfstandigheid, hetzij door zijn ouders of andere volwassenen die voor hem zullen zorgen, hetzij door overheidsinstanties of niet-gouvernementele instanties
- Verblijfsmachtiging in België
Verloop van de procedure - De aanvraag moet schriftelijk ingediend worden door de voogd (toegewezen door de Dienst Voogdij) bij de DVZ. Deze aanvraag moet bevatten:
- persoons- en adresgegevens van de voogd en de NBMV
- kopie van het nationaal paspoort of gelijkgestelde reistitel (indien beschikbaar)
- het adres waarnaar de oproep voor het verhoor moet gestuurd worden
- de vraag om bijstand van een tolk en de vermelding van de taal
- de stappen die de voogd ondernam bij de familieleden en kennissen in het land van oorsprong of in het gastland en de resultaten hiervan
- alle documenten die de waarachtigheid van elementen uit de aanvraag kunnen aantonen
- Op de DVZ vindt het verhoor plaats van de NBMV, in aanwezigheid van de Voogd, een tolk (indien gevraagd) en een advocaat (op vraag van de Voogd). Doel van het verhoord is de duurzame oplossing te bepalen mbt het verblijf van de NBMV
- Als de DVZ na individueel onderzoek beslist dat de duurzame oplossing bestaat uit een terugkeer, krijgt de voogd een bevel tot terugbrenging (bijlage 38). Hiertegen kan (binnen de 30 dagen) een beroep bij de RvV ingediend worden. Als deze duurzame oplossing nog niet kan worden bepaald, krijgt de gemeente de instructie om een Attest van Immatriculatie (oranje kaart) voor 6 maanden af te leveren.
- Als er binnen het half jaar nog geen duurzame oplossing is bepaald, kan de voogd, één maand voor de vervaldag van het AI, een voorstel van duurzame oplossing indienen op basis van volgende gegevens en documenten:
- het voorstel voor een duurzame oplossing
- de gezinssituatie van de NBMV + elk specifiek element dat met de specifieke situatie van de NBMV is verbonden
- bewijzen van regelmatig schoolbezoek
- Eventueel kan de DVZ een nieuw verhoor afnemen, maar de dienst kan ook op basis van deze documenten oordelen.
- Als nog steeds geen duurzame oplossing bepaald is, wordt het AI met zes maanden verlengd. Als duidelijk is dat de duurzame oplossing het verblijf in België is (na 6 maanden AI of 12 maanden AI), wordt een elektronische A kaart afgeleverd voor de duur van 1 jaar. Voorwaarde is wel het voorleggen van het nationaal paspoort van de NBMV, of toch minstens documenten (officiële, afkomstig van de bevoegde (buitenlandse) overheden) waaruit blijkt dat er stappen ondernomen zijn om de identiteit van de NBMV aan te tonen.
- Eén maand voor de vervaldag van de elektronische A kaart dient de voogd documenten in te dienen die betrekking hebben op het levensproject van de NBMV in België. Volgende gegevens en documenten zijn hiervoor nodig:
- de gezinssituatie van de NBMV + elk specifiek element dat met de specifieke situatie van de NBMV is verbonden
- bewijzen van regelmatig schoolbezoek
- bewijs van de kennis van één van de 3 landstalen
- Na afloop van 3 jaar verblijf met een elektronische A kaart, krijgt de NBMV een elektronische B kaart (onbeperkt verblijf). Tenzij de Minister, bij gemotiveerde beslissing, deze machtiging niet wenst toe te kennen.
- De DVZ kan het verblijf intrekken of een duurzame oplossing anders bepalen bij misleidende informatie, gebruik van valse of vervalste documenten, fraude of andere onwettige middelen.
Wat bij het bereiken van de meerderjarigheid? Indien de NBMV 18 jaar wordt, kan hij zich niet meer beroepen op de bijzondere verblijfsprocedure voor NBMV.
Bij de toekenning van de laatste tijdelijke verblijfsmachtiging alvorens hij 18 jaar wordt, moet de DVZ de NBMV op de hoogte brengen van de voorwaarden die vervuld moeten worden om een nieuwe verblijfsmachtiging te krijgen (als meerderjarige) In de praktijk wordt het dossier automatisch overgemaakt naar het Bureau Lang verblijf van de DVZ, en dient er dus géén aparte art 9bis Vw te worden ingediend eens men meerderjarig wordt.
De DVZ zal de BIVR eventueel verder vernieuwen indien voldaan is aan één van deze twee voorwaarden: - onderwijs volgen + bewijs bestaansmiddelen (vb. sociale dienst, Bijzondere jeugdzorg etc.) OF;
- bewijs tewerkstelling
Een vernieuwing is in principe voor één jaar. Nadien zal er opnieuw een evaluatie van de voorwaarden gebeuren en wordt de kaart eventueel verder verlengd. Na drie verlengingen van de BIVR krijgt men normaal gezien automatisch een verblijfsrecht van onbepaalde duur. De verlengingen die men reeds kreeg als minderjarige tellen niet mee bij het bepalen van het aantal verlengingen. Niet-begeleide minderjarige asielzoeker (NBMA)NBMV kunnen zelf een asielaanvraag indienen. Zij worden dan niet-begeleide minderjarige asielzoekers (NBMA) genoemd. De tussenkomst van de (door de Dienst Voogdij toegewezen) voogd is niet vereist. Zelfs indien de minderjarige nog niet als NBMV erkend is door de Dienst Voogdij, kan hij al een asielaanvraag indienen.
NBMA volgen de gewone asielprocedure, maar: - Als de voogd of de ouder wettig in een andere Dublinstaat verblijft, is die staat verantwoordelijk voor de behandeling van de asielaanvraag en worden de gewone Dublincriteria niet toegepast.
- De asielinstanties houden bij het afnemen van interviews rekening met het feit dat het om minderjarigen gaat:
- interviews kunnen worden afgenomen door personeelsleden die getraind zijn in het omgaan met kinderen
- de asielinstanties moeten de voogd die door de dienst Voogdij werd toegekend, steeds toestaan het gehoor bij te wonen
Een speciaal bureau minderjarigen onder directie asiel volgt de asieldossiers van deze kinderen en jongeren op binnen de DVZ. (= inschrijving, verhoor, beslissing, plaatsing met akkoord van de dispatching, administratieve opvolging tot aan het einde van de procedure).
Als inzake asiel een negatieve beslissing wordt genomen, de NBMA nog minderjarig is en er geen duurzame oplossing gevonden is in het herkomstland, kan de NBMV een beroep doen op de bijzondere verblijfsprocedure.
Niet-begeleide minderjarige slachtoffer van mensenhandel of -smokkelDe NBMV die slachtoffer is van mensenhandel of mensenmokkel, kan het statuut van slachtoffer mensenhandel aanvragen. De minderjarige volgt dezelfde procedure als meerderjarige slachtoffers, maar krijgt wel onmiddellijk een attest van immatriculatie. >>zie verblijfsprocedure slachtoffers mensenhandel en mensensmokkel Twee bureaus "Minderjarigen" bij de DVZHet Bureau Minderjarigen van de Directie Asiel moet de signalementfiche "niet-begeleide minderjarige vreemdeling" invullen indien DVZ als eerste in aanraking komt met de minderjarige. Deze fiche moet opgestuurd worden naar de Dienst Voogdij. - Dit Bureau is ook verantwoordelijk voor het onderzoeken van de ontvankelijkheid van de eventuele asielaanvraag van NBMV.
- Contact: 02/205.54.93 of Bur_Rmena@dofi.fgov.be
Het Bureau Minderjarigen van de Directie Toegang en Verblijf houdt zich bezig met de dossiers van de NBMV die zich beroepen op bovenstaande bijzondere verblijfsprocedure. Zij zijn bevoegd om een duurzame oplossing voor de NBMV te zoeken die overeenstemt met het hoger belang van het kind. Toewijzing voogd aan NBMElke NBM krijgt een voogd toegewezen via de dienst Voogdij (Waterloolaan 115, 1000 Brussel) van de FOD Justitie. De taken van de verschillende actoren zijn als volgt afgebakend:
- Elke overheid die kennis heeft van zo'n NBM Kan de dienst Voogdij verwittigen via het permanentienummer 078/154324 - fax 02/5427083
Ook elke andere organisatie of particulier kan een minderjarige bij deze dienst aanmelden.
De dienst Voogdij zal aan de contacterende overheid vragen een signalementfiche in te vullen, zal een verklaring toezenden waarbij de minderjarige onder haar hoede komt en kan een dringende huisvesting regelen.
Voor het lokaliseren van NBMV wordt vooral een beroep gedaan op de politie. Indien een niet-visumplichtige minderjarige meer dan drie maanden in België verblijft, of indien een visumplichtige minderjarige langer dan de duur van zijn visum in België verblijft, moeten de politiediensten van de gemeente waar de NBMV staat ingeschreven controleren of de minderjarige nog steeds verblijft op het betrokken adres. Indien dit het geval is, vult de politie de signalementfiche in en stuurt ze deze op naar Dienst Voogdij.
- De dienst voogdij zal vervolgens nagaan of de NBM aan de definitie voldoet (controle van documenten en verklaringen, o.m. via het consulaat of de ambassade; eventueel medisch onderzoek bij twijfel over de leeftijd), een identificatiedocument afleveren en een voogd aanwijzen.
Indien nodig wordt reeds bij de aanmelding een voorlopige voogd toegewezen. In geval niet-begeleide minderjarigen illegaal op het grondgebied worden aangetroffen en administratief worden vastgehouden, en er binnen de 24 uur geen (tijdelijke of definitieve) voogd kan worden aangesteld, neemt de directeur van de Dienst Voogdij, of zijn gemachtigde, tijdelijk de voogdij op zich. - De voogd heeft de opdracht de jongere te vertegenwoordigen en begeleiden in de verblijfsprocedure (of andere bestuurlijke of gerechtelijke procedures) (o.a. bijwonen van verhoren tijdens de verblijfsprocedure; een advocaat zoeken, …)
Daarnaast heeft de voogd nog andere opdrachten (erop toezien dat de minderjarige passende huisvesting, medische verzorging, onderwijs … krijgt; zijn goederen beheren, mee helpen bij het opsporen van familieleden, enz.).
Bevel tot terugbrengingAan een vreemdeling die minder dan 18 jaar oud is of die volgens zijn eigen nationale wetgeving minderjarig is, kan na de negatieve afloop van een verblijfsprocedure in principe geen BGV worden afgeleverd.
De Minister kan wel met een bijzondere beslissing van deze regel afwijken. Hierdoor kunnen minderjarigen vanaf 16 jaar toch een BGV krijgen, indien de DVZ van oordeel is dat zij voldoende maturiteit vertonen.
Wel kan de minderjarige worden teruggebracht. In dat geval wordt aan de voogd (toegewezen door de Dienst Voogdij) een Bijlage 38 - bevel tot terugbrenging afgeleverd.
- Dit gebeurt alleen als er voldoende betrouwbare en veilige opvang mogelijk is in het land van herkomst of een ander land waar zijn of haar binnenkomst gewaarborgd is.
- Dit betekent dat de voogd alle maatregelen moet nemen om de minderjarige terug te brengen naar het land van herkomst (hij hoeft overigens niet zelf met betrokkene mee te reizen), en dit binnen de termijn van 30 dagen. Doet hij dit niet, dan zou hij blootgesteld zijn aan strafrechterlijke vervolgingen (alhoewel de wettelijke basis hiervan onduidelijk is).
- Indien in het kader van de speciale verblijfsprocedure voor NBMV besloten wordt dat de terugkeer naar het land van herkomst een duurzame oplossing is, krijgt de voogd eveneens een bijlage 38 afgeleverd.
Tegen het bevel tot terugbrenging kan binnen de 30 dagen na de betekening ervan een beroep tot nietigverklaring ingediend worden bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.
Niet-Begeleide Europese Minderjarigen (NBEM)Niet-begeleide minderjarigen uit de EER-landen kunnen geen beroep doen op de bijzondere verblijfsprocedure voor niet-begeleide minderjarige vreemdelingen. Zij kunnen wel asiel aanvragen of een het statuut van slachtoffer van mensenhandel aanvragen.
NBEM krijgen ook geen voogd toegewezen. Om een oplossing voor deze groep te vinden is er wel een pilootproject opgestart voor alle niet-begeleide Europese minderjarigen (NBEM) in een kwetsbare toestand.
NBEM die niet zijn ingeschreven in één van de bevolkingsregisters en niet kunnen bewijzen dat zij de toestemming van hun ouders of voogd hebben om te reizen, zullen begeleid worden door een nieuwe dienst binnen de FOD Justitie indien zij zich in een kwetsbare toestand bevinden.
Men spreekt van een kwetsbare toestand wanneer het gaat om minderjarigen die gevaar kunnen lopen wegens - een onregelmatige administratieve toestand,
- een onstabiele sociale toestand,
- zwangerschap,
- gebrekkigheid,
- een gebrekkige lichamelijke of geestelijke toestand,
- als slachtoffer van mensenhandel of mensensmokkel, of
- bedeltoestand.
Wanneer de politie een NBEM in zulke kwetsbare positie aantreft zal zij deze voortaan moeten aanmelden bij de dienst "Signalement van niet-begeleide Europese minderjarigen in kwetsbare toestand" (SEMK). Deze dienst zal dan op zoek gaan naar een oplossing voor de NBEM. Om het contact met de minderjarige te vergemakkelijken heeft de dienst een aantal vertaler-bemiddelaars ter beschikking.
De dienst zal ook op zoek gaan naar een opvanginstantie die de NBEM onder de hoede kan nemen en zal overleg plegen met de DVZ om te evalueren wat de mogelijkheden op verblijfsrechterlijk vlak zijn.
Contact: - De dienst SEMK van de FOD Justitie.
Tel. : 078-15 43 24
|