Print deze pagina

Voldoende huisvesting

Gezinshereniging art.10(bis) en 40ter Vw.

Een familielid dat een Belg of vreemdeling met verblijfsrecht in België wil vervoegen moet in de meeste gevallen bewijzen dat de gezinshereniger over voldoende huisvesting beschikt om het familielid en zichzelf te herbergen.

 

Wetgeving

Volgens het KB van 26 augustus 2010 is er sprake van voldoende huisvesting wanneer de woning voldoet aan de elementaire vereisten van veiligheid, gezondheid en bewoonbaarheid in de zin van artikel 2 van de wet van 20 februari 1991 houdende wijziging van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek inzake huishuur.

 

Deze begrippen worden als volgt omschreven in het KB van 8 juli 1997:

  • de oppervlakte en het volume van de woning moeten voldoende ruim zijn om er te koken, te wonen en te slapen;
  • De volgende lokalen kunnen geen woonvertrek vormen : de voor- of inkomhallen, de gangen, de toiletten, de badkamers, de wasruimten, de bergplaatsen, de niet voor bewoning ingerichte kelders, zolders en bijgebouwen, de garages en de lokalen voor beroepsbezigheden.

 

Hoe de voldoende huisvesting concreet bewijzen? 

Het gezinslid moet bij de aanvraag, naast de andere vereiste documenten, de voldoende huisvesting aantonen van de verblijfsgerechtigde vreemdeling waarbij hij zich wil voegen. Daarvoor dient hij een van de volgende documenten over te maken:

  • een geregistreerd huurcontract van de woning die de Belg of de verblijfsgerechtigde vreemdeling huurt en waar hij zijn hoofdverblijfplaats heeft, eventueel aangevuld met een plaatsbeschrijving (dit laatste is niet verplicht);
  • of een notariële eigendomstitel van de woning waar de Belg of de verblijfsgerechtigde vreemdeling woont en waar hij zijn hoofdverblijfplaats heeft.

Opgelet!

  • Enkel de DVZ beoordeelt of er voldoende huisvesting is; de gemeente gaat enkel na of de vereiste documenten overgemaakt werden
  • Wanneer de woning onbewoonbaar verklaard werd, weigert DVZ de aanvraag.
  • Een geregistreerd huurcontract of notariële eigendomstitel creëert slechts een weerlegbaar vermoeden dat de vreemdeling over voldoende huisvesting beschikt. In theorie kan de DVZ het verblijfsrecht dus toch nog weigeren, ook al werden de vereiste documenten overgemaakt. Bv. uit het huurcontract of de plaatsbeschrijving blijkt dat de woning niet voldoende ruim is om er te koken, te wonen en te slapen (zie KB van 8 juli 1997)
  • Indien een huurcontract voorgelegd wordt, moet dit geregistreerd zijn op het registratiekantoor. In principe is elke verhuurder verplicht om een huurcontract te laten registreren. Wanneer de verhuurder dit nalaat te doen, kan de huurder het ook zelf laten registreren >> Lees hier meer informatie over registratie van huurcontracten Indien een eigendomstitel voorgelegd wordt, moet het een notariële akte zijn. Een verkoopakte die niet verleden is voor de notaris wordt niet aanvaard.
  • Het geregistreerd huurcontract of de notariële eigendomsakte moet de woning betreffen waar de betrokkene nu effectief woont. Het feit dat men op een wachtlijst voor een sociale woning staat, voldoet niet als bewijs van voldoende huisvesting.

Na toekenning van de gezinshereniging moet de gemeente de voorwaarde van voldoende huisvesting volgens de DVZ niet actief blijven controleren. Als de woning onbewoonbaar verklaard zou worden binnen de eerste 3 jaar, of als er fraude aan het licht komt, kan DVZ het verblijfsrecht op basis van gezinshereniging toch nog intrekken: de huisvestingsvereiste geldt, net zoals de andere voorwaarden voor gezinshereniging, tot drie jaar na de gezinshereniging; en zelfs daarna kan fraude een einde maken aan het verblijfsrecht.

 

Laatste wijziging: 9/26/2011
Meld fout op deze pagina